Rouwsieraden In 1993 is Miriam Verbeek afgestudeerd op de Rietveld academie in Amsterdam met een collectie rouwsieraden. Sterven is een onderdeel van het leven en even natuurlijk als geboren worden. Toch zijn we in onze cultuur er niet vertrouwd mee gemaakt. In haar sieraden werkte Miriam met fragiele materialen om de vergankelijkheid van het leven weer te geven. Ook het moment van het afscheid en het proces om het verdriet een plaats te geven heeft ze verwerkt in haar werk.

De rouwsieraden konden gedragen worden als een persoonlijke herinnering aan een dierbare. Er waren ook sieraden bij die een bepaald rituele handeling in zich hadden waardoor je kon stil staan bij je geliefde. Voor de rouwsieraden koos Miriam heel bewust materialen die paste bij het verhaal wat ze met het werk wilde uitdragen
 De collectie rouwsieraden bestond uit sieraden die voor een gedeelte zo fragiel waren dat ze door het dragen zouden slijten. Ze waren gemaakt van ragfijn gehaakt zijde met een zilveren ring. Het zilver, dat tevens fungeerde als een doosje om de kwetsbare zijde ring in op te bergen als het niet gedragen werd,   zou uiteindelijk als tastbare herinnering over blijven.  Ook de glaskettingen, bestaande uit stukjes gesmolten autoglas (tranen) geknoopt in een 20 denier panty waren bedoelt om te slijten.  Andere materialen waarmee Miriam werkte waren o.a.  git (vroeger veel gebruikt in rouwsieraden) , dia’s, Lood, stuifmeel, kunsthars  en bergkristal en  wax. Tijdens haar eindexamen presentatie ,in de urinoirs van het Olympisch stadium, had ze in de wand stukjes  leisteen gemetseld.  Deze stukjes vormde samen een stukje notenbalk uit het requiem van Verdi (lagrimilla =tranen).  Aan elk stukje leisteen hing een ketting van katoen draad met  gekristalliseerd zout.

Een vreemde plek om te exposeren zal je denken. Maar Miriam had, samen met collega Cynthia Pijlman,  de ruimte helemaal omgetoverd. De open ramen hadden ze dicht gemaakt. Op de piasgoten lagen glazen platen waardoorheen een paarsig licht scheen. Tussen de marmeren  schotten hingen gezandstraalde glazenplaten waarop in elk nisje een werkstuk lag. Als je de ruimte in kwam was het donker op het paarse licht na. Bij de ingang kreeg elke bezoeker een zaklantaarntje mee. De bezoekers werden gedwongen gericht te kijken en de sieraden werden mooi uitgelicht door de zaklamp.  Voor haar werk en presentatie ontving  Miriam een nominatie van de Gerrit Rietveld academie. Zowel het Stedelijk museum Amsterdam,  het Textiel museum in Tilburg en museum Arnhem hebben werk uit de collectie rouwsieraden aangekocht.

portfolio miriam verbeek
rouwring Miriam Verbeek